{title: Big city}
{artist: Tol Hansen}
{time: 4/4}
{tempo: 130}
{key: C}
{meta: author Frans-Willem Post, 2026-05-06}
{start_of_part: Intro}
[C]
{end_of_part}
{start_of_verse: Verse 1}
Waar ter [C]wereld ik ook kwam, nimmer trof ik zo'n bende
als in 't [F]oude Amsterdam, welge[C]legen aan het IJ leven [G7]zij daar vrij en [C]blij
Ronkend [C]in gepoetste blikkies, vreemde vogels met hun stickies
uit hun [F]monden wolken rook, als liepen zij op oliestook
speedy [C]kauwend, vette tanden, geen par[G7]keerplaats [C]meer voor handen
{end_of_verse}
{start_of_verse: Verse 2}
En dan [C]sta je op de stoep, glijend door de hondenpoep
ja het [F]is daar druk genoeg, op de straat en in de kroeg
waar Bolle [C]Jan zijn biertje hijst en de [G7]jukebox vrolijk [C]krijst
zijn vrouw die [C]krijgt haar eerste wee, op 'n zaaltje in 2G
lijkt de [F]baby op zijn vader, wordt het wel een keizersnee
van een [C]metertje of twee, Amster[G7]dam ho-la-di-[C]jee
{end_of_verse}
{start_of_chorus: Chorus 1}
[C]Big city, [F]big city,
[G]big big city, [F] you're so pretty
{end_of_chorus}
{start_of_verse: Verse 3}
[C]
Hari[C]krisjna's op de Dam, douwen in je hand een brieffie
hoe je [F]happy leven kan, zo te [C]zien en volgens mij, zijn ze [G7]zelf niet zo [C]blij
De haring[C]man staat op zijn stekkie, met een bleek vertrokken bekkie
"Eet hem [F]nou maar op meneer, met die walmen van het verkeer
'k neem u [C]echt niet in de maling, is het [G7]zo gerookte [C]paling!"
{end_of_verse}
{start_of_verse: Verse 4}
En daar [C]staat een Arabier, eet patat met veel plezier
gebakken [F]in, da's interessant, de olie uit zijn vaderland
een Engels[C]man zit shocking klem between de [G7]deuren van de [C]tram
Een dame [C]als een toverfee, in een grote BMW
wil je [F]van 't trottoir af racen, 't zal wel een temeier wezen
met een [C]vent in de WW, Amster[G7]dam ho-la-di-[C]jee
{end_of_verse}
{chorus: Chorus 2}
{start_of_verse: Verse 5}
[C]
En Thor[C]becke schudt zijn knar, ziet ze gaan en ziet ze komen
hangend [F]aan de volle bar, lessen [C]zij hun grote dorst
aan de [G7]barvrouws blote [C]borst
't Wijkge[C]bouw dat staat te trillen, als daar de gitaren gillen
want de [F]beatband uit de buurt, heeft er weer een zaal gehuurd
Ome [C]Jaap die trekt benee, zijn ac[G7]cordeon in [C]twee
{end_of_verse}
{start_of_verse: Verse 6}
Tante [C]Jans in de bistro, eet andijvie uit een po
waar de [F]trams de hoek om gillen, of ze katten staan te villen
en je [C]redt je vege lijf, anders [G7]wor' je koud en [C]stijf
Met al die [C]mensen op een kluit, denk je soms, ik wil d'r uit
eenzaam [F]in je blote billen, door een oerwoud lopen rillen
nee, dat [C]valt toch ook niet mee, Amster[G7]dam ho-la-di-[C]jee
{end_of_verse}
{chorus: Chorus 3, repeat}